Biografie
Rock-stamboom
Discografie
Verwante bands
Links
English

Biografie

Het begin

the KliekDe kern van the Kliek werd gevormd door Marcel Kruup, de gitarist en Robert Müter, zanger / tamboerijnspeler van de band. Kruup, afkomstig uit Haarlem, had al een lang verleden als Mod en gitarist in allerlei sixties gitaarbandjes zoals the Other Side en the Comedown. Müter heeft zijn "roots" in de Wieringermeer, Middenmeer om precies te zijn. Ik heb zelfs nog een paar jaar bij hem in de klas gezeten op de middelbare school, maar dat doet nu niet ter zake. Robert kwam regelmatig in de grote stad Amsterdam waar hij op familiebezoek ging, en ook de hoofdstedelijke platenzaken leegplunderde. De platencollectie van Robert was alom bekend op school. Hij had alle moderne plaatjes die in de polder niet of nauwelijks te krijgen waren. Op een gegeven moment is hij zich gaan specialiseren in obscure beat en garagepunk uit de jaren 60, een genre dat weer populair was gemaakt door bands als the Scientists, Hoodoo Gurus, Claw Boys Claw, Gun Club, Cramps, Fuzztones en vele anderen.
Van het een kwam het ander, en Robert richtte een bandje op genaamd the Stoneage Romeos (inderdaad genoemd naar een LP van de Hoodoo Gurus).

Het Kliek verhaal begint echt

Nadat sommige bandleden in 1987 hun eindexamen hadden gedaan vielen The Stoneage Romeos uit elkaar, en ieder van de bandleden ging zijn eigen weg. Korte tijd later werd Robert Müter zanger van een nieuwe band. In het Amsterdamse sixties-café De Stip (later Korsakof) ontmoette hij gitarist Marcel Kruup, dan al een gelouterd veteraan uit de Nederlandse neosixties / garagebeat scene, had al in talloze bands gespeeld, waarvan the Other Side en the Comedown het bekendst waren. Beide bands werden min of meer bekend tijdens de garagerevival van de vroege jaren 80. Kruup had op dat moment plannen om een nieuwe band op te richten die zich muzikaal en visueel zou richten op obscure (Neder-)beat en the Monkees. Zoals gezegd werd Müter de zanger. Voor de vacatures van bassist en drummer had Kruup zijn oog laten vallen op de ritmesectie van bevriende band Just Colours. Theo Brouwer en Stefan Steutel werden opgebeld en kregen een uitnodiging om mee te spelen bij de eerste oefensessie. Theo kon op de afgesproken dag niet, en zo kwam Peter Bodde, ook een ex-Stoneage Romeo, als bassist. Veel later kwam alles toch nog goed voor Theo en werd hij alsnog bassist bij the Kliek, zoals de band ondertussen gedoopt was.
De naam the Kliek schijnt bedacht te zijn toen er een naam moest worden opgegeven bij het afhuren van een oefenruimte. Eigenlijk was er nog helemaal geen naam en is er iets gezegd van "zet maar de vaste kliek neer". Alle bandleden speelden toen ook nog in diverse andere bands en kwamen dus regelmatig in het complex. Met het engelse "the" ervoor (zoals hoort bij een oprechte sixties band) was de bandnaam een feit.
the Kliek probeerde in alle opzichten een jaren zestig band te zijn. Kapsels, kleding, hoesontwerpen en tot op zekere hoogte het bandgeluid moesten zo authentiek mogelijk zijn. Het enige verschil met de "echte" jaren zestig was het wat hardere geluid van de band.

In 1988 verscheen de eerste mini-LP "When Father was away on beat business in the magic centre" op het Kelt-label. Het enige wat je tegen deze plaat kan hebben is de onmogelijk lange titel. Verder zes prettig rammelende sixties liedjes die qua stijl vaag aanleunen bij de Outsiders en het allervroegste werk van the Rolling Stones en the Pretty Things. Een nummer, Percy, dateert nog uit de Stoneage Romeos tijd, ook al verschilt de versie op de plaat danig van de "oerversie" zoals die live is opgenomen in Bovenkarspel. Hoogtepunt van de plaat is zonder enige twijfel het nummer Paarse Broek, een vergeten Nederpop klassieker uit de jaren 60. Alleen al omdat ze dit nummer aan de vergetelheid hebben weten te ontrukken verdient the Kliek het om in onze herinnering te blijven.
Het refrein luidt:
"...Ik heb een paarse broek,
Die ligt nu in de hoek.
Want als ik mijn broek draag
Dan ziet men mij niet graag..."

Hoe wordt een band beroemd?

Kort na de release van de "When Father etc." EP ontstond de klassieke Kliek line up. Peter Bodde werd vervangen door Gert Veltink, die voordien in een andere sixties-band uit Amsterdam gitaar speelde, the Exist. Er zouden nog tal van singles, EP's en LP's volgen, maar the Kliek was op zijn best als live band. Van het allereerste akkoord tot de laatste toegift, of het nu in de Melkweg, Paradiso, de Dukdalf in Wieringerwerf of op een krakersfeest was, the Kliek maakte er altijd wat bijzonders van. Zoals vooral op de live-registraties van the Kliek te horen is, waren de heren niet vies van een cover. Behalve het al genoemde Paarse Broek was het nummer "(We're) Pretty Quick", een soort van surf-instro met zang van de mij alleen van dit nummer bekende groep the Chob, een ware live-klassieker. Waar het origineel amper de magische 2 minuten grens passeert maakt de Kliek er een episch nummer van waarbij echt alles uit de kast wordt gehaald (onder andere de "gitaarsolo op de rug gespeeld" gimmick van Marcel Kruup, later bij the Treble Spankers uitgegroeid tot een hele act).
Andere door the Kliek opgenomen covers zijn: "I just wanna make love to you" (the Rolling Stones), "Boston" (the Byrds in een poging om beatmuziek te maken, ook gecovered door the Lyres), "Interstellar Overdrive" (inderdaad van Pink Floyd), "I love you #2" (the Outsiders), "Clock on the Wall" (Guess Who), "You can't judge a book" en "Diddy wah Diddy" (van die begin jaren 60 R&B covers die iedereen speelt). Ze speelden er nog veel meer, liefst zo obscuur mogelijk, maar van deze nummers heb ik geen originele artiesten kunnen achterhalen.

In de loop der jaren ontwikkelt de band zich tot een lieveling van de sixties- en mod-underground. Dat er zoiets bestond wist ik ook niet, maar vooral buiten Nederland raakt de band redelijk bekend. Dit resulteert in talloze toernees door Europa. The Kliek was notabene een van de eerste westerse bands die in het voormalige Oostblok optrad (zie Rusland pagina). Wat bij het regelen van deze optredens meespeelde was dat de band rond die tijd (1992) een Russische drummer had, genaamd Zjenja Guberman. Hij was in juni 1989 vanuit Leningrad naar Amsterdam gekomen. In Leningrad had hij in tal van bands gespeeld, waaronder de redelijk bekende undergroundband "Aquarium" (in een tijd dat popmuziek nog decadent en Westers was). In Amsterdam had hij eerst in the Exist gespeeld, met Gert Veltink. Vanaf november 1989 speelde hij ook in the Kliek. Stefan Steutel, die the Kliek niet langer met zijn studie kan combineren, heeft de band kort daarvoor verlaten. Michel van der Woude houdt de drumkruk warm in de tussentijd. Zjenja krijgt een vuurdoop. Daarmee doel ik niet op zijn eerste optreden in de Dukdalf in Wieringerwerf, maar op een uitgebreide toer door het pas herenigde Duitsland die de week na zijn debuut van start gaat.

Over media-aandacht heeft the Kliek niet echt te klagen gehad. De band is op TV geweest (bij de VPRO), verschillende malen te gast geweest bij Fons Dellen en co (ja, ook van de VPRO) en hadden zelfs Ray Davies van the Kinks als fan. Al stond the Kliek op het laatst bekend als de Nederbiet band van het moment, toch is de band nooit echt uit de underground geraakt. Misschien kwam dat doordat de platen op kleine, obscure labels uitkwamen. Misschien ook wel omdat ze hun tijd te ver vooruit waren met hun sixties-geïnspireerde geluid. Andere bands, zoals Daryll-Ann en the La's deden een paar jaar later in wezen hetzelfde, maar met aanzienlijk meer succes. Het zou iets te ver voeren om the Kliek als wegbereider voor de Britpop-hausse te zien. Feit blijft wel dat de Britpop-corifeeên Oasis en Blur eigenlijk dezelfde bronnen hebben als the Kliek.

Het einde

In 1993, na de Rusland tour, verlaat Zjenja Guberman de band. Hij wordt vervangen door Michel van der Woude, die ook voordat Zjenja bij the Kliek kwam korte tijd de drummer was. Gert Veltink was kort daarvoor, in de zomer van 1992. Hij geeft er de voorkeur aan zijn studie te voltooien. Voor hem in de plaats komt Theo Brouwer de gelederen versterken, 5 jaar nadat hij voor de eerste maal werd uitgenodigd. In deze opstelling wordt "Feel Good" gemaakt, naar later blijkt de laatste LP van the Kliek. Zoals ondertussen gebruikelijk wordt er weer veel getourd in binnen- en buitenland. Michel van der Woude moet de band weer snel verlaten als hij last met zijn gezondheid krijgt. Frank Sloos van Loveslug wordt de nieuwe drummer. Ondanks zeer succesvolle optredens, o.a. op het jaarlijkse Noorderslag festival, blijkt het heilige vuur in 1994 gedoofd. Een mogelijke verklaring hiervoor is de verstoorde verhoudingen binnen de band ten gevolge van het succes van die andere band, the Treble Spankers. The Treble Spankers zijn het vervolg op Ouke Baas, de band die weer een afstammeling is van The Exist (alweer). Ooit begonnen als een goede grap blijken ze uiteindelijk veel populairder dan the Kliek.

Er wordt nog een live LP / CD opgenomen, maar na 8 jaren heeft the Kliek tenslotte in 1995 het bijltje er bij neer gelegd. De bandleden, alleen Müter en Kruup waren nog over van de originele bezetting, doen nu andere dingen.
Helaas moesten the Treblespankers in 1997 stoppen ten gevolge van een RSI-blessure bij lead-guitarist Frank Gerritsen. Marcel Kruup's belangrijkste muzikale bezigheid is tegenwoordig achter de draaitafel als DJ. Marcel Kruup's nieuwste band heet Ron and the Splinters. Michel Terstegen, een oude vriend uit de scene is de zanger, maar de belangrijkste attractie is Ron Splinter, een Nederbeat legende die nog gitaar speelde in de Outsiders met Wally Tax.
Gert Veltink, die de band al in 1993 had verlaten na gepromoveerd te zijn aan de Universiteit van Amsterdam, heeft nu "echt" werk als software ontwikkelaar. Hij heeft een homepage die, onder andere, foto's bevat van zijn tijd bij the Kliek.
Theo Brouwer speelt in een aantal hobbybandjes, Big Paulus en Sgeurvreters, die beiden een soort "foute", vuige 60s / 70s fratrock spelen. Bij Big Paulus vinden we ook Frank Sloos weer terug.
Robert Müter en Zjenja Guberman duiken op in een nieuwe band, Kek '66. Opnieuw een band die sixties-geïnspireerde muziek speelt. Derde man in dit trio, op basgitaar is Marc de Regt, evenals Müter een oud-Wieringermeerder. Veel meer informatie hierover is te verkrijgen op mijn Kek '66 site.

Het verhaal van the Kliek is nog lang niet af. Zonder de hulp van Robert Müter, Gert Veltink en Theo Brouwer was deze pagina echter een stuk minder volledig dan hij nu is. Reuze bedankt!